Lidmaatschap

Het woord lidmaatschap is aan de Bijbel ontleend. Paulus beschrijft de kerk namelijk als een lichaam, en de gelovigen zijn de leden of lidmaten van dat lichaam (Romeinen 12; 1 Korintiërs 12; Efeziërs 4). Wat Paulus duidelijk wil maken met dit beeld is dit: Zoals een lichaam uit veel lichaamsdelen bestaat, die allemaal nodig zijn en samen een eenheid vormen, zo zijn we als gelovigen allemaal heel verschillend, maar is  ieder een levend en onmisbaar onderdeel en vormen we samen een eenheid.

Inmiddels is trouwens het Nederlandse woord lidmaatschap wel aardig ver af komen te staan van die betekenis. Mensen zijn bijvoorbeeld lid van de Vereniging voor Natuurmonumenten omdat ze vinden dat die goede dingen doen, maar het enige dat ze doen is jaarlijks een paar tientjes contributie betalen. Het resultaat is dat ze op een ledenlijst staan.

Sommigen zien het lidmaatschap van een kerk ook zo: je staat op een ledenlijst, betaalt contributie, maar het verplicht je tot niets. Toch is dat echt een misverstand. Een kerkelijke gemeente is geen vereniging, maar een familiegemeenschap van broeders en zussen, die dezelfde Vader hebben. Elke gelovige is een levend lid van dat lichaam, verbonden met de anderen door één Geest. En van ieder mag verwacht worden dat die z’n gaven inzet om het lichaam goed te laten functioneren.

Andersom heb je ook mensen die op die Bijbelse manier (waar Paulus het over heeft) lid zijn van onze gemeente, maar die niet officieel geregistreerd zijn als lid. Ze horen er helemaal bij! Lidmaatschap is namelijk meer een geestelijke dan een formele zaak. Maar het mooiste zou natuurlijk zijn als alle leden in Bijbelse zin ook kiezen voor het lidmaatschap in formele zin.

Lid worden?

[contact-form-7 id="def346e" title="Contactformulier Lidmaatschap"]